Zesdaagse Mestreech

(Zesdaagse in Maastricht)

Als geboren Maastrichtenaar heb ik de Zesdaagse in De Eurohal mogen meemaken. Van huis uit ben ik geen wielrenfan,  maar dat gaf niets. De sfeer, de spanning van dit evenement maakte het voor iedereen die het meemaakte meer dan de moeite waard. Je kon alles zien en beleven, op het middenstuk stonden de hokjes met de soigneurs die de Wielrenners weer in orde moesten maken voor de volgende ronde, wielrenners met hun kenmerkende iele witte lijfjes en bruine armen en benen. De geur van benzine van de Demy, die meestal gebruikt werd bij het stayeren rijden, waarbij alle renners achter een 'gangmaker' rijden waardoor grote snelheden bereikt werden. De achtervolging, gewoon spektakel die je de hele tijd kon volgen zonder van je plaats af te gaan. Nu is het meer dat de wielrenners specialisten zijn op een categorie, zoals sprinten, bergen, en noem maar op, een 'Zesdaagde' renner was een alom wielrenner. Hoogtepunt was voor mij de bekende wielrenners te zien, maar ook Adje Wijnands de uit Maastricht afkomstige wielrenner die ik eerst zag bij de 'Ronde van Wolder' (die door mijn dorp Biesland ging) en later op de Zesdaagse,

 

Zesdaagse Maastrichtse Historie (Paul Verstappen)

De wortels van de Maastrichtse zesdaagse liggen in het jaar 1976. In december 1985 vierde de Stichting Zesdaagse Maastricht het tienjarig bestaan met het fotoboek ‘Zesdaagse Maastricht 1976-185’. Het wielerfenomeen kwam in Limburg pas laat van de grond. De initiatiefnemer voor het wielerspektakel was dr. Jan M.H. Huynen. Destijds was hij Algemeen Directeur van Eurohal Maastricht BV. “Tijdens de Ronde van Kortenhoef in 1976 kwam hij met Peter Post overeen, dat deze laatste wedstrijdleider zou worden in de eerste Maastrichtse Zesdaagse, die van 17 tot en met 22 december in de Eurohal gehouden zou worden”. In Amsterdam werd de eerste zesdaagse al in 1932 verreden. In dezelfde tijdsperiode werden ook in Rotterdam en Groningen zesdaagsen georganiseerd. Het spektakel vond plaats in de Eurohal, die vanwege ruimtegebrek vanuit Valkenburg was verplaatst naar de Limburgse hoofdstad. Zo’n 3000 bezoekers konden plaats nemen in de hal, die in 1987 werd afgebroken. Het huidige MECC (congrescentrum) kwam er voor in de plaats, maar de zesdaagse kreeg er nooit een plekje. 

Seuren, een ‘oude rot’ uit het wielerjournaille wijst op de enorme spektakelwaarde van het evenement, die vooral door de coureurs werd geregisseerd: “Talloze toppers stonden aan de start van de eerste uitgave. Patrick Sercu en Graeme Gilmore werden de eerste winnaars. Sercu was de beste renner in de geschiedenis van het zesdaagsencircuit. Hij was ‘de keizer aller six-days’. De Belg was ook iemand die als renner meedacht om de spektakelwaarde op niveau te houden. Hij leerde de stiel van zijn vader Albert, die ook graag grappen uithaalde. Het koppel Sercu-Merckx sprak het meest tot de verbeelding. Zij wonnen de tweede editie van de zesdaagse van Maastricht. Maar de grootste clown was de Belg Willy de Bosscher. Deze verstopte zich bijvoorbeeld eens in de slaapcabine.Vooral tijdens de afvallingswedstrijden, waarin hij met zijn snelheid tot zijn recht kwam, voerde hij nummers op die het publiek op de banken deed brullen van plezier. Willy De Bosscher was de laatste echte entertainer.” Danny Clark was één andere topper uit de Maastrichtse historie. Ook hij zorgde voor veel ambiance. Volgens intimi was Clark zelfs beter dan Patrick Sercu. Clark startte vaker in zesdaagsen dan de Belg en reed er ook meer uit. 220 (Clark) en Sercu (211). Vier keer won de Australiër in Maastricht met Don Allan (1x), twee keer met (Doyle) en met René Pijnen. Clarke was alleen maar uit op financieel gewin. Het gebeurde eens in München dat hij van de organisatoren vlak voor de zesdaagse enkele duizenden marken meer eiste.”

In de Eurohal van Maastricht werden twaalf zesdaagsen gehouden. In de laatste zesdaagse beëindigde Joop Zoetemelk zijn wielerloopbaan. Dit zorgde voor een massale opkomst van bezoekers. Inmiddels werkt de kersverse ‘Stichting Euro Zesdaagse’ achter de schermen aan de rentree van het wielerevenement in de Limburgse hoofdstad. De inspirerende kracht achter deze activiteiten is een oud-wethouder van Maastricht: Jan Hoen. In Dagblad De Limburger liet hij op 28 februari 2005 het volgend optekenen: “Met een Zesdaagse is een bedrag van meerdere tonnen gemoeid. We moeten zeventig sponsorboxen verkopen en inkomsten werven. En we stappen ook naar de gemeente.” Bij het aantrekken van voldoende kapitaalkrachtige sponsors, zal Maastricht overigens moeten concurreren met Hasselt. Deze stad in Belgisch-Limburg, gelegen op zo’n half uur rijden van Maastricht, onderzoekt momenteel óók de kansen om een zesdaagse te organiseren.  

Oorzaken voor de 'val' van de Zesdaagse:

Herbert Dijkstra, in 1986 vijfde bij het Nederlands amateurkampioenschap individuele achtervolging op de piste in Alkmaar, vindt het moeilijk om dé oorzaak aan te wijzen voor het de teloorgang van de Maastrichtse ‘Six Days’.Volgens hem is er eerder sprake van een samenspel van verschillende factoren. 

Dijkstra: “Een eerste oorzaak is de opkomst van nieuwe funsporten in de jaren tachtig, zoals windsurfen en skaten. Vroeger was wielrennen, naast voetbal, de belangrijkste volkssport. Maar de sportagenda raakte sinds de jaren tachtig overvol. Ook de toenemende tijdsdruk speelt een belangrijke rol. “Een zesdaagse legt een groot tijdsbeslag op mensen. Waar vind je het nog dat men zes dagen achter elkaar tijd vrij kan maken voor het bezoeken een sportwedstrijd? Je ziet dat ook in het schaatsen. Grote evenementen, zoals de Olympische Spelen en WK’s raken nog wel snel uitverkocht, maar bij de wereldbekerwedstrijden schaatsen in Thialf, zie ik nog voldoende lege plekken op de tribunes”, aldus Dijkstra. Kortom: ook het Maastrichtse baanwielrennen ontkwam niet aan de schaalvergroting in de sport. 

Volgens Sijm werd de dalende trend versterkt door een revolutionaire ontwikkeling in de topsport. “In de jaren tachtig werd het noodzakelijk om je als professional te specialiseren in slechts één wielerdiscipline. Grote vedettes uit de Tour de France, zoals Joop Zoetemelk en Gerrie Knetemann, namen nog wel deel aan het zesdaagsencircuit. Maar steeds minder ‘grote namen’ kwamen er aan het vertrek.” Specialisatie heeft ook volgens Dijkstra duidelijke sporen achter gelaten: “Begin jaren tachtig was het voor de profwielrenners nog mogelijk om verschillende onderdelen te combineren. Nu werden renners gedwongen om zich te focussen op één bepaalde wedstrijd. Een potentiële winnaar van een zesdaagse moet juist zeer veelzijdig zijn. Dat enkele Australische baanwielrenners, zoals Bradley Mc-Gee, ook goede prestaties neerzetten in de Tour de France, zie ik als een uitzondering.” Volgens Sijm heeft deze trend zich vanuit Italië verspreid over de overige wielerlanden. “Italië presteerde in die periode zeer slecht en dan gaat men op zoek naar creatieve mogelijkheden om de prestaties te verbeteren. In 1984 verbeterde Francesco Moser het werelduurrecord van Eddy Mercks. Hij verlegde de grens naar 50,8 kilometer per uur. Minder sterren aan de start van een zesdaagse zorgde voor een tanende belangstelling van het publiek, waardoor uiteindelijk ook steeds meer sponsoren afhaakten.  

Toen de tenoren die wél aan de start kwamen ook nog eens hun financiële eisen aanmerkelijk gingen opschroeven, ontstond uiteindelijk een kansloze situatie. Volgens Jan Seuren hadden de Maastrichtse organisatoren daarom geen geld meer om het spektakel nog te organiseren. “De (foto boven Zoetemelk-Hempel dec.1979)startgelden van de toppers rezen de pan uit”, aldus Seuren. Overigens was de Amerikaan Greg Lemond de belangrijkste trendsetter van deze ontwikkeling. Hij was de eerste wielrenner die een jaarsalaris opstreek van één miljoen dollar. Door de alsmaar stijgende jaarsalarissen, werd het voor de grote vedetten onaantrekkelijk om aan de start te verschijnen van een zesdaagse.

Toekomstverwachting

Door de uitstekende prestaties van de Nederlandse baanwielrenners, kreeg ook de zesdaagse een behoorlijke impuls. Bondscoach Peter Pieters verdient daarom een groot compliment. Hij is in staat om te roeien met de riemen die hij heeft. Vanuit een deskundige visie en met een duidelijke planning, is hij de drijvende kracht achter de huidige successen. Maar wanneer Pieters afscheid neemt, dreigt veel kostbare wielerkennis verloren te gaan. Veel wielerliefhebbers zoeken naar een vleugje nostalgie ‘uit de oude doos’. Wie verlangt er niet terug naar de bedwelmende geur van frites en massageolie, knetterende motoren van de derny’s, ludieke fratsen van een nieuwe Willy de Bosscher en een tot de nok gevulde hal? Maar de jeugd heeft de toekomst. En het is een grote uitdaging om de jongeren te interesseren voor het baanwielrennen. Misschien dat er dan in de toekomst weer jarenlang, zinderende sprintduels worden uitgevochten in een Bourgondische ambiance.

Maastrichtse zesdaagse.Een traditie in ere hersteld?

(Paul Verstappen)

Het Nederlandse baanwielrennen zit weer in de lift. In Amsterdam en Rotterdam keerde de zesdaagse terug op de wedstrijdkalender. Ook in Maastricht gaat men de oude traditie in het najaar van 2006 weer in ere herstellen. Op 28 februari 2005 kondigde Maastricht aan dat er achter de schermen druk wordt gewerkt om het wielercircus in opnieuw te organiseren. In 2006 is het zover. Van 28 september tot en met 3 oktober is er weer een zesdaagse in de Limburgse hoofdstad. Maar waarom raakte dit onderdeel van de wielersport zo’n twintig jaar geleden eigenlijk uit de gratie van het wielerpubliek?

Dit artikel zou een eerste aanzet kunnen zijn om voor Nederland een vergelijkbare studie op te zetten. Verhalen en belevenissen spelen in de wielersport een belangrijke rol.Via enkele gesprekken met wielerkenners wordt geprobeerd om zo de historie van de zesdaagse op een levendige manier te presenteren. (1).Herbert Dijkstra (commentator voor de NOS) en (2).Mark Sijm (PR-man bij SKIL-Moser) konden waardevolle informatie verschaffen. (3).Jan Seuren, oud-wielerverslaggever bij Dagblad De Limburger, gaf via emailcorrespondentie uitgebreide detailgegevens over Maastricht. Ook de publicatie (4).‘Zesdaagse Maastricht 1976-1985 uit (5).1985 bevat veel bruikbare achtergrondinformatie. In het boekwerkje zijn ook een groot aantal veelzeggende foto’s van Tonny Strouken afgedrukt.

(1)Herbert Dijkstra is NOS-medewerker.(2)Mark Sijm is is PR-man bij SKIL-Moser. (3)Jan Seuren.(4)‘Zesdaagse Maastricht 1976-1985’ werd in 1985 uitgegeven door Stichting Zesdaagse Maastricht (5)In ‘Zesdaagse Maastricht 1976-1985, p. 3.

Zesdaagse van Maastricht

De zesdaagse van Maastricht werd tussen 1976 en 1987 jaarlijks verreden in de Eurohal (Maastricht).De eerste rondemiss van 1976 heette Yvonne Deliege De editie van 1987 was tevens het afscheid van Joop Zoetemelk als actief wielrenner. Anno 2006 is de zesdaagse terug in Maastricht in het MECC (Maastrichts Expositie en Congres Centrum), na bijna 20 jaar te zijn weggeweest. Deze editie is gewonnen door het Zwitserse koppel Bruno Risi en Franco Marvulli voor het Belgisch-Italiaanse duo Iljo Keisse/Marco Villa en de Nederlanders Danny Stam en Peter Schep. De editie van 2007 werd afgeblazen omdat de organisatie de financiering niet rond kreeg en voorzitter Jan Hoen van de zesdaagse een hartaanval had gekregen.

Winnaars Maastrichtse Zesdaagse:

Patrick Sercu - Eddy Merkx - Gerrie Knetemann - Danny Clark- René Pijnen - Albert Frits - Dietrich Thureau en Ad Wijnands

Winnaar Mecc 2006 Bruno Risi (Zwi) Winnaar Mecc 2006 Franco Marvulli (Zwi)

Bron. site Wielrennen Maastricht, Wielersport,Wikipedia, Baanwielrennen, Zesdaagse Maastricht, Mestreech Online, foto Vintage, Wielermuseum, ANP, Baanwielrennen.

Aonvaank