Enci Groeve

(Enci Groeve)

 

ENCI-groeve

De ENCI-groeve is een kalksteen-groeve aan de Maaszijde van de Sint Pietersberg (als onderdeel van het Plateau van Caestert), in de gemeente Maastricht. Haar geschiedenis gaat terug tot 1926, toen de Eerste Nederlandse Cement Industrie (ENCI) van de overheid een exploitatieconcessie kreeg. Kalk dient als voornaamste grondstof voor de cementproductie.

Bij het aflopen van de laatste concessie is de groeve ongeveer 200 hectare groot. Hoe deze groeve in de toekomst zal worden afgewerkt is in 2007 nog niet duidelijk. Er bestaan plannen voor een meer omdat de huidige groeve tot +5m NAP, ofwel ruim 35 meter onder het niveau van de Maas, wordt uitgegraven. Onzeker is of een deel van de huidige ENCI-installaties in stand zal worden gehouden ten behoeve van de afvalverbranding.

De ENCI-groeve grenst aan het Habitatrichtlijngebied "Sint Pietersberg en Jekerdal". De onttrekking van het vele grondwater door de ENCI veroorzaakt een aanzienlijke verlaging van het grondwaterpeil in de omgeving die zich vooral merkbaar maakt in een verdroging van het Jekerdal.

Aan de zuidzijde naast de ENCI-groeve ligt de heuvel D'n Observant. Deze heuvel is opgeworpen met de metersdikke onbruikbare deklagen die bij het graven van de groeve vrijkwamen.

 

Geologie

Geologisch geniet de groeve bekendheid vanwege de fossielen uit het Krijt. In 1998 werden in de groeve de kaak en botten van de Mosasaurus aangetroffen die verder zou gaan onder de naam Bèr. In het Natuurhistorisch Museum Maastricht bevindt zich een uitgebreide verzameling fossielen die afkomstig zijn uit onder meer de ENCI-groeve. In 2012 werd opnieuw een skelet van een Mosasaurus aangetroffen genaamd Carlo. De Nederlandse Geologische Vereniging afdeling Limburg organiseert regelmatig geologische excursies naar deze kalksteengroeve, die (geologisch gezien) onterecht mergel-groeve wordt genoemd.

 

De mergelwinning

De Sint-Pietersberg geniet bekendheid vanwege de eeuwenoude ondergrondse winning van krijtgesteenteblokken (foutief aangeduid met "mergel") in kalksteengroeven die voornamelijk werden gebruikt als bouwsteen en de huidige dagbouwwinning van losse mergel door de Eerste Nederlandse Cement Industrie (ENCI) voor de productie van onder meer cement. Als gevolg van de ondergrondse krijtgesteentewinning was er in het begin van de 20e eeuw een gangenstelsel ontstaan dat zich uitstrekte van het Fort Sint Pieter in het Noorden tot voorbij de Belgische grens in het zuiden. De totale oppervlakte bedroeg circa 98 hectaren met een ganglengte van rond de 150 km.

 

Van noord naar zuid zijn de volgende gangenstelsels te onderscheiden: het Noordelijk gangenstelsel, de Zonneberg, Slavante en het Zuidelijk gangenstelsel dat in België aansluit op de groeve Caestert. In het Belgische deel van de Sint-Pietersberg bevinden zich verder de groeve Ternaaien-boven (ook genoemd Aardappelberg, Fr.: Lanaye Intermédiaire) en de groeve Ternaaien-beneden (ook genoemd Verloren Vallei, Fr.: Lanaye Inférieure). Slavante en het Zuidelijk stelsel zijn grotendeels afgegraven. Wat nog over was van het Zuidelijk stelsel is vrijwel geheel ingestort door het gewicht van D'n Observant. Minder bekende stelsels of de restanten daarvan op Nederlands gebied zijn: de Oude en de Nieuwe Marendalergroeve, de Duivelsgrot of Wijngaardsberggroeve, Ancienne Brasserie, de Scha(a)rk, restante van de Grande Entrée, de Tombe, het stelsel onder Fort Sint Pieter, de Douanegrot, Greetje Blanckers, de Kluis, kelders nabij Slavante. Van de gangenstelsels worden de Zonneberg en het Noordelijk gangenstelsel geëxploiteerd door de VVV.

 

In de jaren twintig is de ENCI gestart met het winnen van mergel in dagbouw ten behoeve van de productie van cement. Onder vaak luid protest van onder meer de actiegroep ENCI-Stop heeft de ENCI haar productie tot op heden kunnen voortzetten. Door de dagbouwexploitatie van de ENCI is een groot deel van het ondergrondse gangenstelsel verdwenen en rest ons nog slechts 20 ha en 30 km aan gangen. Vanuit natuurhistorisch en cultuurhistorisch oogpunt is er een hoge tol betaald voor de handhaving van de werkgelegenheid en de productie van cement. Van de andere kant heeft het geleid tot een bewustwording en erkenning van de waardevolle elementen van deze voor Nederland unieke berg. De ENCI heeft in een dubbelrol aan de ene zijde bijgedragen aan de "afbraak" van de berg, maar aan de andere kant ook geïnvesteerd in onderzoek en beheer van de Sint-Pietersberg.

 

Ondergrondse kalksteengroeven

Als gevolg van de exploitatie van krijtgesteente is een groot gedeelte (90%) van het ca 150 ha grote ondergrondse gangenstelsel verdwenen:

  • zuidelijk gangenstelsel. Een klein gedeelte, grenzend aan België, is nog toegankelijk.

  • stelsel Slavante. Op enkele gangen de omgeving van Kasteelruïne Lichtenberg na verdwenen.

  • Zonneberg. Voor de helft behouden en in gebruik voor toeristische rondleidingen.

  • groeve Nieuw Maarendal. rond 1997 aangesneden door de enci groeve en inmiddels helemaal verdwenen

  • groeve Oud Maarendal. Sinds eind maart 2008 aangesneden door de enci groeve. De groeve was vanaf omstreeks 1926 niet meer toegankelijk omdat de ingang bedolven was. De groeve is veel groter dan alle verwachtingen en heeft een oud gedeelte met hoge gangen en een nieuwer gedeelte met lagere gangen.

Mergelexploitatie in dagbouw

  • 1921. Na de liquidatie van de concessiehouder NAKAM worden de gronden rond de hoeve en groeve Lichtenberg op de Sint Pietersberg samen met de groeve Sint Pieter in 1921 door CBR overgenomen.

  • 1925. De CBR krijgt van de gemeente Maastricht vergunning voor het bouwen van een cementfabriek.

  • 1926. De "Naamloze Vennootschap Eerste Nederlandsche Cement Industrie" opgericht.

  • 1927. De bouw van de cementfabriek te Maastricht van start en in 1928 wordt de eerste oven aangestoken.

  • 1948. In oktober 1948 verlenen de Gedeputeerde Staten aan de ENCI de concessie om gedurende 60 jaar en over een gebied van 90 ha een kalksteengroeve te exploiteren.

  • 1962. De ENCI vraagt een uitbreiding van de concessie in noordelijke richting van 31 ha om de productie tot 1991 te kunnen dekken.

  • 1966. De ENCI krijgt een nieuwe vergunning met de verplichting de groeve aan het eind van de gegunde exploitatieperiode af te werken.

  • 1976. De ENCI vraag een vergunning aan voor het afgraven van 433 ha van het plateau van Margraten.

  • 1988. De ENCI heeft haar meest recente concessie voor de exploitatie van een deel van de Sint-Pietersberg gekregen. De concessie betreft het winnen van kalksteen binnen de vastgestelde grenzen van het concessiegebied met een totale oppervlakte van 216 ha tot een diepte van NAP +5.

  • 1989. De Provincie besluit dat de ontgronding van het plateau van Margraten niet wordt toegestaan.

  • 2003. De grenzen van de concessies zijn bereikt. Om toch te kunnen blijven produceren zijn nieuwe productieprocessen ontwikkeld. Toepassing van 'natte' kalk als grondstof, maakt het mogelijk de groeve uit te diepen. Het verzoek om de groeve nog eens 40 meter, tot -35 m NAP, uit te diepen wordt door de Provincie afgewezen omdat een onderzoek van TNO uitwijst dat de groevebodem dan zou openbreken onder de druk van het opwellend en zwaar verontreinigde Carboonwater dat een stijghoogte heeft van +58 m NAP (15 meter boven het niveau van de Maas).

  • 2007. ENCI wil ook na 2009 doorgaan met mergelwinning maar stuit op groot verzet bij actiegroepen zoals ENCI-STOP en het burgerinitiatief "Sint Pietersberg Adembenemend".

  • 2008. GroenLinks Maastricht vraagt de inwoners van Maastricht en andere belangstellenden ideeën te bedenken wat de toekomstige bestemming voor de groeve moeten worden.

  • 2010. De mergelwinning wordt in 2018 definitief stopgezet en de klinkerproductie in 2019. De cementfabriek zal blijven bestaan, maar de klinker zal voortaan uit België (Antoing) worden aangevoerd. De groeve zal grotendeels aan de natuur worden teruggegeven en afgewerkt. Het terrein van de klinkerfabriek (25 ha) wordt herontwikkeld.

Nao Bove

ENCI en de jarenlange wrijving tussen ecologie economie en cultuurhistorie

ENCI en de jarenlange wrijving tussen ecologie, economie en cultuurhistorie
Sinds de jaren 70 van de vorige eeuw is het besef van de cultuurhistorische waarden van de gangenstelsels in de Sint Pietersberg pas goed doorgedrongen. Tot die tijd werd er naar behoefte, en schijnbaar naar hartelust, kalk ontgonnen door de Eerste Nederlandse Cement Industrie. De behoefte aan kalk voor met name de productie van cement was vooral na de Tweede Wereldoorlog erg groot. In de jaren van de wederopbouw waren we erg blij met zo’n grote natuurlijke voorraad kalk binnen onze landsgrenzen. In rap tempo groeide de open dagbouwgroeve van de cementfabriek dan ook uit tot een immens groot en diep gat.
Tegenwoordig beslaat de groeve een oppervlakte van zo’n 200 hectare, de hele binnenstad van Maastricht zou er met gemak in passen…
Zeker de helft van de ondergrondse gangenstelsels is hierdoor verdwenen.

Zoals gezegd werd vanaf de jaren 70 de waarde van de vele verdwenen opschriften en tekeningen pas onderkent en allerlei actiegroepen werden in het leven geroepen om een halt toe te roepen aan het schijnbaar rücksichtslos afgraven van het gastenboek van Maastricht.
De geschiedenis leek te verdwijnen in de oven van de industrie.
Het is een constant afwegen geweest van economische en cultuurhistorische belangen en lange tijd hebben de economische gewonnen.
Maar in 2018 zal de ENCI stoppen met het afgraven van de kalksteen van de Sint Pietersberg.
De fabriek zal echter blijven doordraaien met materiaal dat van elders zal worden aangevoerd.
Reeds bij de aanvang van de graafwerkzaamheden in 1926 heeft de ENCI zich verplicht om de groeve als natuurrecreatiegebied achter te laten en men is dan ook al druk doende om dit te realiseren.

Er zit echter ook een andere kant aan het hele ENCI verhaal; de fabriek heeft voor de stad een enorme werkgelegenheid gecreëerd, voor inkomsten en naamsbekendheid gezorgd en is altijd bereid geweest om allerlei projecten te sponsoren.


Ook voor de natuur blijkt de groeve een unieke habitat op te leveren. De rugstreeppad is weer terug, verschillende soorten salamanders leven in de groeve en sinds vele jaren heeft de Oehoe in een van de gaten in de wand van de groeve zijn meest noordelijke broedgebied.


Het gebied waar deze uil verblijft zal dan ook niet als recreatiegebied worden vrijgegeven.
Andere delen van de groeve worden op dit moment voorzien van verlichte wandelpaden, wanden waar bezoekers zelf fossielen kunnen zoeken, er zal een theehuis komen en een deel van groeve de Schark zal vanuit de ENCIgroeve toegankelijk worden gemaakt.

Een aantal oud-werknemers van de cementfabriek geven tegenwoordig rondleidingen over het fabrieksterrein en een deel van de groeve. Met groot enthousiasme maken zij hun gasten duidelijk hoe het proces van de cementproductie werkt, ze laten de gasten ervaren hoe heet de grote ronddraaiende oven is, maken een wandeling langs de diverse bijzondere gebouwen op het terrein en nemen ook nog een klein stukje groeve mee tijdens hun rondgang.


Als werkgever staat de ENCI gedurende haar hele bestaan hoog aangeschreven en ook dat klinkt in de vaak anekdotische verhalen van de gidsen duidelijk door.
Kortom: er wordt u een unieke blik gegund op het reilen en zeilen van één van de belangrijkste industrieën van Nederland.

ENCI-gebied

In 2018 stopt ENCI met de mergelwinning in de groeve van de Sint-Pietersberg en sluit daarna de oven voor klinkerproductie. Wel blijft het maalbedrijf cement produceren op het terrein. Provincie Limburg, gemeente Maastricht, ENCI, Natuurmonumenten en Stichting Sint Pietersberg Adembenemend werken samen aan het realiseren van een nieuwe toekomst voor het gebied.

In een Plan van Transformatie zijn de afspraken vastgelegd voor de nieuwe inrichting van de groeve. Sinds januari 2011 coördineert de Stichting Ontwikkelingsmaatschappij ENCI-gebied de uitvoering van het plan. In de stuurgroep zijn de vijf betrokken partijen vertegenwoordigd. Het toekomstige ENCI-gebied bestaat uit drie onderdelen: de groeve, een overgangszone en een bedrijventerrein.

Groeve

De nadruk van de 125 hectare grote groeve ligt op natuur en recreatie. De groeve wordt opgedeeld in verschillende zones voor verschillende vormen van recreatie die de natuur niet verstoren. Een natuurzwemplas, kalkgraslanden, steilwanden, trappen en uitzichtpunten zijn belangrijke onderdelen.

 

 

 

 

 

Overgangszone

Dit is het overgangsgebied dat komt te liggen tussen de groeve en bedrijventerrein. Deze aantrekkelijk vormgegeven terrassenstrook van 5 hectare biedt een schitterend uitzicht over de groeve en richt zich op recreatie, horeca en creatieve bedrijvigheid. ENCI levert de overgangszone bouwrijp op. De ontwikkelingsmaatschappij zal de overgangszone ontwikkelen.

 

Bedrijventerrein

De milieudruk van het bedrijventerrein zal afnemen en ENCI neemt aanvullende milieumaatregelen in de oven, de cementmaling en het wagenpark. Na sluiting van de oven gebruikt ENCI nog 11 hectare voor de cementmaalderij. ENCI wil de overige delen van het terrein verhuren aan innovatieve bedrijven gericht op bouwstoffen en bouwtechnieken en duurzame productie.

 

 

 

Planning van de transformatie

De uitvoering van de transformatie is in 2010 begonnen. Heuvel D’n Observant is vrijgemaakt en ingericht als wandelgebied met uitzichtpunt op de top. Ten zuiden van het ENCI-terrein is een nieuwe toegangsweg naar D’n Observant aangelegd met een parkeerterrein. Ook is de Oehoevallei opgeknapt en heeft ENCI een aantal milieu-investeringen gedaan om de luchtkwaliteit te verbeteren. Het Plan van Transformatie is in uitvoering en er worden steeds weer stukjes opgeleverd.

Meer informatie

Op de website enci transformeert nu vindt u meer informatie over het project en alle stukken die zijn gepubliceerd in de verschillende fasen.

Het volledige plan is vastgelegd in het Plan van Transformatie  E.N.C.I - gebied.

Nao Bove

Bron: Site Underground, Wikipedia, Stop ENCI, foto's MestreechterSteerke, internet, wikipedia

 Aonvaank