In de Oude

Vogelstruys

 

Café In den Ouden Vogelstruys:

Het aantal malen dat ik binnen ben geweest is op twee handen te tellen, ik was meer voor La Cave, Höfke, TufTuf, Ohio en Old Dutch. De Struys was in mijn ogen wat voor 'ouder' publiek. Maar dat de Struys één van de oudste cafe's is die Maastricht rijk is dat staat vast. Hier links nog zonder terras voor de deur, dus het vrijthof is later wat opgeschoven.

De 'bekendste' Café van Maastricht bevindt zich aan de Oostkant van het Vrijthof op de hoek van de Platielstraat.

De huisnaam De Struys komt in de archieven voor het eerst voor in het jaar 1474. De eigenaar Peter in den Struys of misschien één van zijn voorgangers, hanteerde waarschijnlijk een struisvogel als uithangbord. Vermoedelijk bezat hij een logement. Daar is geen bewijs voor, maar het lijkt een voor de hand liggende conclusie. Mensen konden elkaar vinden door de huisnaam. Deze werd vaak afgeleid van het beroep dat de eigenaar beoefende. Aangezien de meeste mensen niet konden lezen en schrijven, werd de huisnaam verbeeld op uithangborden. Een bord met een struisvogel verwijst waarschijnlijk niet naar de handel in pluimvee. Deze vogelsoort kwam immers niet voor in Maastricht. De struisvogel, een dier uit exotische landen, zal gekozen zijn om de vele pelgrims over te halen bij hen te overnachten en niet bij één van de vele andere logementen aan de Vrijthof.

In de Middeleeuwen kende Maastricht namelijk nog niet het gebruik van huisnummers.  de unieke ligging tegenover zowel bedevaartskerk van Sint Servaas als het Servaasgasthuis, was de" Stroys "al sinds 1450 een herberg. Door de centrale ligging van het hoekhuis, en de unieke sfeer die er heerst, wordt de Vogelstruys in de volksmond ook wel de "hoeskamer vaan Mestreech" genoemd. Dus er werd altijd al een pot bier gedronken in de Struys. De naam komt voort uit het feit dat in de Sint Servaaskerk relikwieën liggen in struisvogeleieren. Verder stond in het wapen van Sint Servaas ook een struisvogel afgebeeld. Toendertijd was de uitbater van het logement of herberg of gelagkamer marketing technisch zo slim dat hij pelgrims die Maastricht bezochten voor die relikwieën naar zijn zaak wist te trekken door de naamkeuze.

De huisnaam is nooit een vaste familienaam geworden. Dit was overigens wel in de Middeleeuwen gebruikelijk. Vanaf de vijftiende eeuw namen mensen een vaste achternaam, voorheen veranderde deze naam naar gelang het beroep van de man als hoofd van het gezin. De Struys was de achternaam van verschillende bewoners. De naam is waarschijnlijk geen vaste achternaam geworden, omdat de eigenaren en uitbaters van het pand elkaar relatief snel opvolgden. De meeste families hebben het huis niet langer dan twee generaties in hun bezit gehad.
Naor Bove

In den Struys was een houten huis, gebouwd in het begin van de vijftiende eeuw. Het huis werd gebouwd op de kelders van het stenen huis dat voorheen op de plek van de huidige In den Oude Vogelstruys en het eerste huis aan de Platielstraat lag. Dit huis wordt voor het eerst vernoemd aan het begin van de dertiende eeuw; waarschijnlijk was het toen al oud. In de vroege Middeleeuwen waren stenen huizen in Maastricht zeldzaam, daarom werden ze als zodanig uitdrukkelijk vernoemd in verkoop- en verervingaktes van onroerend goed. Het stenen huis aan de Vrijthof heette Schönecken. Het dankte zijn naam aan de eigenaren, de heren van Schönecken. Schönecken was een dorp en een burcht in de Eifel. Het Maastrichtse huis diende als stadsresidentie van 1264 tot 1353. Later werd het huis enkele decennia bewoond door de heer Hendrik van Schutdorp. Over hem is weinig bekend, net als over de reden voor het afbreken van het stenen huis om er vervolgens een vakwerkhuis voor in de plaats te bouwen. Op de kelder van het voormalige stenen huis werden twee nieuwe gewelfde kelders van steen gebouwd. Hierop plaatste men een indrukwekkend houten geraamte van vierentwintig meter diep en minstens vijf verdiepingen hoog, waarvan twee zolders. Het houten huis had een dak dat naast de huidige Struys ook de eerste vier huizen van de Platielstraat bedekte. Vermoedelijk was De Struys een typisch koopmans- of handelshuis. De grote zolder bood genoeg opslagruimte voor weefgetouwen.

Het imposante vakwerkhuis op de hoek van Het Vrijthof met de Platielstraat werd na drie eeuwen, in 1730 versteend. De aanleiding was een brand in de Brusselsestraat, veroorzaakt door een schot uit een zo geheten "vuurroer"(een primitief geweer) op een duif. Een strooien dak werd daarbij fataal geraakt. De wind heeft waarschijnlijk gezorgd voor een grote brand, waardoor 42 woningen tussen de Jekerstraat en Kommel in vlammen opgingen. Dit incident toonde hoe kwetsbaar Maastricht was voor brand en bombardementen. Het overgrote deel van de huizen in de stad was immers gebouwd van hout. Het stadsbestuur verordende nadien dat, wanneer nieuwe huizen werden gebouwd, deze een stenen voorgevel en zijgevels moesten hebben, daken moesten bedekt worden met leien of pannen in plaats van stro en scheidingsmuren tussen huizen moesten anderhalve steen dik zijn. De verstening van de stad zorgde er ook voor dat de uithangborden werden vervangen door gekapte gevelstenen. In de zeventiende en achttiende eeuw zijn er honderden vervaardigd. Honderdtachtig gevelstenen zijn bewaard gebleven. De grootste en bekendste is de gevel van De Struys: IN DEN OUDEN VOGELSTRUYS; 1730. Op Aswoensdag 23 februari 1730 verliet Bartholomeus Risack het kantoor van notaris Ruijters te Maastricht. Daar was zojuist  zijn geldlening van Theodorus Vaes, kanunnik van het Sint Servaaskapittel, bekrachtigd. Tweeduizend gulden had hij geleend, genoeg om in de komende zomer zijn huis De Vogelstryus te verbouwen (= “van nieuws op te maeken”). Op de plaats waar nu de Vogelstruys is gesitueerd, werd het eerste glas bier al voor 1309 gedronken. In 1730 werd het houten voormalig koopmanshuis vervangen door het huidige stenen huis. In dat jaar werd de Struys verbouwd en versteend door Bartholomeus Risack. Tijdens de verbouwing werd het enorme strooien dak verwijderd, de twee zolders werden afgebroken en het gedeelte aan de Platielstraat werd verbouw tot aparte huizen. Het verbouwde hoekhuis werd een sober stenen gebouw. Enkele kenmerken van de vroegere Maaslandse Renaissance zijn echter te herkennen. De Struys is bijvoorbeeld gebouwd in rode bakstenen, al is dit door de witte verflaag die in de afgelopen eeuw is aangebracht niet meer te zien. Het gebruik van hardsteen rond vensters en deuren en op de hoek van de Vrijthof met de Platielstraat is ook een kenmerk, net als de gele mergelsteen onder de dakrand. Het gebouw kende twee voordeuren, één aan het Vrijthof en één aan de Platielstraat. Onduidelijk is of het huis in tweeën was gedeeld: de deuren wijzen hierop, maar de gevelsteen die boven de voordeur moest worden ingemetseld doet het tegenovergestelde denken.


Naor Bove

In de negentiende eeuw heeft De Struys vele eigenaren gekend: onder andere een dokter, een betaalmeester, een controleur op de heffing van wijnaccijnzen, renteniers, rijksambtenaren, spekslagers en spoorwegambtenaren. Mogelijk heeft De Struys vanaf het midden van de negentiende eeuw gediend als logement. De meeste eigenaren hebben deze zaak dan moeten runnen naast hun andere werkzaamheden. Er is geen bewijs voor een regulier gebruik van het pand als herberg tot ver in de negentiende eeuw.

Vanaf het begin van de twintigste eeuw stond het pand bekend onder de naam "CAFÉ DE LA PROMENADE". Deze naam verwijst naar de wandelingen die men over het Vrijthof maakte. De dagelijkse "pantoffel-parade" was eigenlijk een verkapte huwelijksmarkt. Later werd deze naam weer in gebruik genomen. Aan de gevelsteen met de struisvogel werd het bijschrift IN DEN OUDEN STRUYSVOGEL toegevoegd. Tot ver in de twintigste eeuw was dit de naam van het café. Later werd de naam veranderd naar de oudste vernoeming IN DEN OUDE VOGELSTRUYS.

Het café ziet er sinds de verbouwing van 1955 uit zoals we het nu kennen. Er is dankzij de familie Schiffeleers zeer veel bereikt op het gebied van naamsbekendheid. Nu in het derde millennium is het de beurt aan Henri Hochstenbag en zijn team van jonge enthousiastelingen om de naam uit te dragen en de kwaliteit hoog te houden. Binnen de muren van dit oude bruine kroegje speelt zicht dagelijks de opera van het leven af. Vaste klanten van jong tot oud komen binnen om hun lief en leed met elkaar te delen. Ook op het terras dat een mooie en sjieke uitstraling heeft is het goed toeven.De Struys werd vlak voor de Heiligdomsvaart van 1955 gemoderniseerd; de voordeur kwam weer onder de gevelsteen, het antieke buffet werd verplaats en er kwamen nieuwe tap- en koelinginstallaties, een damestoilet en alles werd in een bruine tint geschilderd. Het sfeervolle café is karakteristiek voor Maastricht. Het is het stamcafé van vele Maastrichtenaren uit alle lagen van de bevolking. Doordat De Struys zich profileert als oudste café van de stad, de VVV het café aanprijst en doordat De Struys al vele malen de krant heeft gehaald, komen niet alleen Maastrichtenaren er een pilsje drinken, maar ook toeristen uit binnen- en buitenland. De Struys is een begrip!

Naor Bove

In 1955 werd de kanonskogel zichtbaar die in de voorgevel zit onder het meest rechtse raam.

In 1997 kreeg In den Ouden Vogelstruys de titel 'Café van het jaar'

Het Struyskommitee die ieder jaar weer het 'Preuvenemint' organiseert heeft er al meer dan 25 jaar haar thuisbasis.

2009 was In den Oude Vogelstruys bijna afgebrand, door toeval werd de smeulende brand op tijd ontdekt en kon het worden voorkomen waar men vroeger bang voor was en waardoor het oorspronkelijke houten huis door een stenen huis heeft vervangen. Wilt u meer over de historie van de Struys te weten komen, dan is er in de Struys een boekje te koop met alle historische feiten over deze gedenkwaardige locatie.

Bron: VogelstruysZicht op Maastricht, Foto: John Kerkhofs en internet.

eine terök