Peurtsjes vaan Mestreech

 

(Poortjes vanMaastricht)

Peurtsjes vaan Mestreech Maastricht / Stadspoorten van Maastricht:

Geschiedenis:

De stadspoorten waren in vroegere tijden een soort van grensovergang waar al het in en uitgaande verkeer werd gecontroleerd. Aan de poorten was er een militaire wacht en een zogeheten ‘commissiewacht’, waar ambtenaren van de Gemeentelijke Belastingen die verschuldigde in en uitvoerrechten inden. Op een vast tijdstip in de avond, meestal 22.00 uur  werden de poorten gesloten. Voorafgaand aan de definitieve sluiting werden de poorten ‘op klinket gesteld’. Zij waren dan gesloten  maar men kon tegen betaling van een poortgeld toch nog passeren. Een half uur voordat de poorten ‘op klinket’ gingen, werden de poortklokken geluid om de burgers te waarschuwen. Wie na sluitingstijd toch nog wilde passeren, moest vooraf toestemming van de stadscommandant vragen. De poortdoorgangen zelf waren vaak lange, donkere tunnels, die er onheilspellend uitzagen.

De poorten symboliseerde voor boeren en reizigers de beslotenheid van de stad. Garnizoenssoldaten op de muren waren verantwoordelijk voor de veiligheid in de stad. Poortwachters hielden aantekeningen van het in en uitgaande verkeer, inden belasting op groenten, eieren en andere koopwaar en ontzegden ongewenste individuen de toegang tot de stad. De poorten werden 24 uur per dag bewaakt, wie Maastricht wilde bezoeken, koopman of reiziger moest zich melden bij de poortwachter en werd vervolgens door de ‘poortschrijver’ ingeschreven.

Een stadspoort met zijn poortgebouw vormde een onderdeel van een stadsmuur of stadswal en was vooral een verdedigingswerk. Ze werd dan vaak met een toren gecombineerd als poorttoren. Oorspronkelijk zal een stadspoort ook 's nachts vaak gesloten zijn geweest, om ongewenste bezoekers aan de stad te weren. Het woord 'poort' is afgeleid van het Latijnse 'porta' wat 'doorgang' of 'opening' betekent .

'Halverwege de 18de eeuw werd het steeds rustiger in Maastricht. Niet qua bedrijvigheid, die nam alleen maar toe. Vanaf 1867 vond men het niet meer nodig de vesting Maastricht te handhaven. De poorten werden voor de nacht niet meer gesloten en zo konden de burgers van Maastricht ook eens langer blijven op feestjes buiten stad. Omdat de poorten toch niet meer gesloten werden konden de muren ook afgebroken worden. Eerst werd stukje bij stukje afgebroken. Later kreeg men plezier in het afbreken en ging alles in een sneltreinvaart tegen de vlakte. In menig huiskamer verschenen op de schouw stenen van die muur. 'Ik heb een echt stukje stadsmuur in mijn huis staan" spraken de heldhaftige mannen in het café.' 

Bedelaars mochten alleen binnen de poorten bedelen als ze in het bezit waren van een zogenaamde stedelijke bedelaarspenning.

Nu naar Maastricht:

In 1229 verleende de Hertog van Brabant de stad Maastricht het rect om zich te omringen net een stenen omwalling, zonder enig overleg met de bisschop. Al sinds de 11e eeuw lag er een aarden wal om de stad, al of niet met palissaden (een aaneengesloten rij van in de grond geslagen palen of staken, die vaak dienst doet als omheining). Dat waren waarschijnlijk twee aarden wallen: één om de nederzetting rond de activiteiten aan brug en maas en langs de uitvalswegen en één om de steeds belangrijker wordende abdij van St.Servaas met de nodige goederen en bewoning daaromheen. Beide wallen werden op aandringen van de hertog samengevoegd en de stenen  muur kwam daar later boven op te staan. Het geheel was nu 2400 m lang, tussen de 5,5  en 9 m hoog en 1,25 m dik. Er moeten 12 waltorens gestaan hebben; 19 poorten plus 2 waterpoorten verleenden toegang tot de stad.

Behalve de dertien 'veldpoorten' waren er ook nog een aantal kleine poortjes (poternes) die vanuit het stratenstelsel of privé-tuinen toegang gaven tot Maas of Jeker. In onzekere tijden werden die voor decennia dichtgemetseld en gebarricadeerd. Een voorbeeld daarvan is de poort naar het park aan de Nieuwenhofstraat/hoek Zwingelput.

De volgende vraag is dan, hoeveel poorten heeft Maastricht gehad, het antwoord 19 en minstens 3 waterpoorten.

 

Klikken op de naam,

hulde aan de mensen die alles hebben uitgezocht. Gelukkig heb ik de gelegenheid van hun vakmanschap, vastberadenheid te profiteren.

Helpoort - Hoogbruggenpoort

Poort Waerachtig

Oude Wyckerpoort

Batpoort Boschpoort Brusselsepoort
Eggerixpoort St. Maartenspoort Stationspoort
Onze Lieve Vrouwepoort St.Pieterspoort Leugen en Hochterpoort
Lindenkruispoort Lenculen-Tongersepoort Tweebergenpoort
  Toren-Looiers en Veerlinxpoort  
Waterpoort St.Pieterspoort   Waterpoort Pater Vink Toren
Waterpoort 'De Reek'   Waterpoort Wijck

1ste Ommuring:

 

1-Helpoort a/d Bernardusstraat

2-Looierspoort a/d Gr. Looiersstraat

3-Lenculenpoort a/d  Lenculenstraat 

4-Tweebergenpoort a/d Tweebergenpoort

5-Grote Poort a/d Markt

6-Leugenpoort a/d Markt

7-Veerlinxpoort a/d M. Grachtstraat

8-O.L.Vrouwepoort a/d Graanmarkt

9-St.Maartenspoort a/d Wijcker Grachtstraat

10-St.Maartenspoort a/d Rechtstraat

11-Hoogbruggepoort a/d Hoogbrugstraat

 

2e Ommuring:

 

12-St.Pieterspoort a/d Pieterstraat

13-Tongersepoort a/d Tongersestraat

14-Brusselsepoort a/d Brusselsestraat

15-Lindenkruispoort a/d Maagdendries

16-Boschpoort a/d Boschstraat

17-St.Maartensbuitenpoort a/d Noordoosthoek Wijck

 

Latere toevoegingen:

18-Nieuwe St.Maartenspoort a/d Rechtstraat Noord

19-Poort Waerachtig a/d Begijnenstraat

 

Waterpoorten:

01-De Reek in het Aldenhofpark

02-Toren Achter De Faliezusters (nu PaterVincktoren) in het Faliezusterspark

03-Waterpoort a/d Stenen Wal (Wijck)

Begin 1867 was Maastricht omringd door een hoge stadsmuur met 38 rondelen en zeven stadspoorten. Direct daarbuiten lag een imposant stelsel van lunetten, bastions en buitenwerken dat honderden meters breed was. Aan het einde van de negentiende eeuw waren het niet langer vreemde legers die aan de deuren bonkten, maar het industriële tijdperk dat in opkomst was. De toekomst van de compacte vestingstad lag buiten de middeleeuwse muren en de zeven stadspoorten en vestingwerken werden gesloopt en geëgaliseerd. Ringwegen, woonwijken en de groeiende industrie vulden de ontstane ruimte in.  Het verleden is echter niet helemaal weggepoetst. Stukken stadsomwalling en een paar hectare buitenwerken bleven behouden en de poorten leven slechts voort in straat- en wijknamen. Het enige fotografische bewijs van hoe de poorten van Maastricht er daadwerkelijk uit zagen zijn een dertigtal 'fotogrammen' die de Maastrichtse fotograaf Theodor Weijnen maakte tussen 1867 en 1874. Op initiatief van de heer Wil Lem gaf de Stichting Maastricht Vestingstad. in 2005 een wondermooi fotoboekje uit: Ingrid M.H. Evers, Jos Notermans en Jac Jamin, Geslechte vestingwerken van Maastricht (2005, 87 pp.). Het beleefde een tweede druk en is m.i. nog steeds verkrijgbaar. ISBN 90-809553-1-0. De reconstructie van deze reeks foto's en de uitgave van het boek leidden in 2006 tot de tentoonstelling De zeven verdwenen poorten van Maastricht (Centre Céramique), die mede door de maquettes van de Stichting Maquette Maastricht 1867 en een lezingenprogramma een geweldige toeloop kreeg.

Binnenpoort versus buitenpoort betekent oud versus nieuw!

Verder waren nog in de vestingsmuur talrijke poternes, dit soort werd, met vergunning, door kooplieden gemaakt om de Maasoever te kunnen bereiken vanaf hun erf aan de binnenzijde van de wal. Bij oorlogsdreiging metselde men deze dicht.

naor bove

Bron:VMG (Vrienden Maastrichtse Gevelstenen), HEM, Zicht Op Maastricht, Stichting Maastricht Vestingstad, Gemeente Maastricht, dbnl, Opa vertelt over...,Beeldbank,

PPP Simons, Blik op de Wereld, Theo Bakker.Wikipedia.

eine terök